Article Index

Getijdentabellen

Die tabellen worden primair gepubliceerd ten behoeve van de scheepvaart. En voor die doelgroep is de waterhoogte van belang in de vaargeul aan de oppervlakte, dat is dus precies wat RWS in de tabellen voorspelt.

Aan de oppervlakte blijven we als duikers natuurlijk niet zo lang en in de vaargeul mogen we niet duiken. Daarom zijn in de loop der jaren herleidingstabellen ontwikkeld, vooral door de Nederlandse Onderwatersport Bond (NOB). Deze tabellen geven op basis van ervaringscijfers het verschil in kentering aan tussen hoog- en laagwater in een van de tabellen van Rijkswaterstaat en een specifieke duikstek.

Hier hebben we ook een van de veelgemaakte fouten te pakken van beginnende Oosterschelde duikers: ze hebben wel ergens gehoord dat ze die getijdentabellen moeten gebruiken, maar vergeten de correctie toe te passen voor een specifieke duikstek. Of ze pakken een tabel van Stavenisse met de correcties die voor de tabel van Zierikzee bedoeld zijn.

Zeker in de Oosterschelde, wat een forse trechter is, kunnen weersomstandigheden de stroming flink beïnvloeden. De tabellen die we als duikers gebruiken zijn de jaarlijks gepubliceerde, waarbij geen rekening gehouden wordt met de weersverwachting. Als er een paar dagen een forse oostenwind heeft gestaan kan de kentering zomaar een half uur afwijken van de in de tabel genoemde tijden! Ook de diepte maakt dan uit: hoewel de wind de stroming flink kan beïnvloeden is dat effect sterker aan de oppervlakte dan op diepte. Als je als een Belg duikt en altijd naar 40 meter wilt moet je dus rekening houden met stroming die afwijkt van wat je aan de oppervlakte ziet. 

Welke tabel?

RWS publiceert getijdentabellen voor heel veel locaties. Voor een beperkt aantal daarvan zijn correctietabellen voor duikers beschikbaar. Maar welke moet je nou gebruiken? Stavenisse? Zierikzee? Moet ik de duikersgids app maar vertrouwen? Simpel. Ze zijn alle drie fout. Of zoals de statisticus George Box al zei, “all models are wrong, but some are useful”!

Uit bovenstaande verhaal blijkt wel dat er meer bij komt kijken dan simpel een tabelletje toepassen. Er zijn te veel omstandigheden die de stroming kunnen beïnvloeden om volledig af te kunnen gaan op één tabel. De belangrijkste les die ik wil meegeven is dat je áltijd de actuele omstandigheden ter plaatse moet beoordelen voordat je je duik maakt en bij je duikplan rekening moet houden met die omstandigheden.

Om te laten zien dat de tabellen niet kloppen heb ik er twee naast elkaar gelegd. Daaruit blijkt wel dat door de aannames die gedaan zijn, de gemiddelden die worden toegepast en de variaties die genegeerd worden er grote verschillen tussen de tabellen zitten. 

De grafiek in bovenstaande afbeelding laat het verschil zien tussen de getijdenvoorspelling bij de Zeelandbrug van de Stavenisse-tabel ten opzichte van Zierikzee (Zierikzee staat op de 0-lijn). De toegepaste correcties bij hoogwater en bij laagwater zijn respectievelijk -45 minuten en -20 minuten ten opzichte van Zierikzee en -40 minuten en -20 minuten ten opzichte van Stavenisse. Met die correctie toegepast zie dat de kentering ten opzichte van Stavenisse varieert van 25 minuten vóór tot 20 minuten na de kentering ten opzichte van die bij Zierikzee. Er is maar op weinig dagen een verwaarloosbaar verschil. De meest extreme uitslag vind je op 11 september 2016. Volgens de herleidingstabel t.o.v. Zierikzee is de gecorrigeerde laagwaterkentering bij de Zeelandbrug dei dag om 17:00, ten opzichte van Stavenisse om 16:35. Hoewel 25 minuten op een dag niet veel is, is dit ongeveer de helft van je duik. En het verschil tussen een ontspannen duik precies op de kentering en een recordpoging wedstrijdsnorkelen. 


 
 
 

Breadcrumbs

Cookies make it easier for us to provide you with our services. With the usage of our services you permit us to use cookies.